Nagelbijten, hoe kom je er van af?

Vroeger werd nagelbijten of onychofagie binnen de psychologie als een afwijking gezien. In de jaren ’70 dacht men dat het een teken van een verstoorde moeder-kind relatie kon zijn of van naar binnen gerichte agressie; in de jaren ’80 werd het als een vorm van zelfbeschadiging gezien of als een neurotisch symptoom van angst. Veel onderzoek is er niet naar gedaan, maar uit een recente studie onder jongvolwassenen bleek dat nagelbijten vaker voorkomt als mensen te kampen hebben met ingewikkelde problemen of als ze zich dood vervelen.

Als het al een afwijking is, is het geen hele ernstige tenzij je je vingertoppen mee wegkluift. Toch vindt men het doorgaans onwenselijk gedrag en willen veel mensen ervan af. Dat is echter makkelijker gezegd dan gedaan. Vieze smeerseltjes op je vingers helpen meestal niet. Dat is net als een hond die een electroshock krijgt voordat hij bij een biefstuk kan: dat neem je dan maar voor lief. Sommige artsen kwamen met drastischer middelen: tricyclische antidepressiva (de voorlopers van Prozac ed) met veel bijwerkingen en weinig effect. Self-monitoring (bijhouden wanneer je nagelbijt, in welke situatie, …) in combinatie met iemand die regelmatig controleert of je nagels gegroeid zijn, heeft wel een positief effect. Of dat aan de self-monitoring ligt (een veelgebruikte techniek in de gedragstherapie) of aan het contact met iemand die aandacht besteed aan je probleem en je inspanningen om ervan af te komen is niet bekend.

Bij kinderen kun je zelf de ’10 vrienden’ techniek toepassen. Iedere avond bekijk je samen met het kind of het aardig geweest is tegen zijn 10 ‘vriendjes’. Als een kind op 1 of meerdere nagels gebeten heeft, laat je het zijn excuses aanbieden ‘Sorry, dat ik je vandaag pijn heb gedaan’ en de nagel een kusje voor de pijn geven. Een techniek die ik zelf heb toegepast, ongeveer 20 jaar geleden en ik heb in geen nagel meer gebeten, is de volgende: in week 1 mag je op al je nagels bijten behalve op die van je duim, in week 2 op alle behalve op die van duim en wijsvinger, enz. Uiteindelijk hou je alleen je pinken over en daar valt niet veel aan te kluiven. Het voordeel van die techniek is dat je een ingesleten gewoonte niet in 1 keer hoeft op te geven en dat het niet meer onbewust en automatisch gebeurt (je moet even nadenken welke nagel wel en welke niet toegestaan is).

Welingelichtekringen